Zijn onze pensioenspaarpotten wel veiliggesteld?

05 dec 2016
1610 keer
Zijn onze pensioenspaarpotten wel veiliggesteld? Bron foto: publicdomainpictures.net
De afgelopen week zijn de ABP-pensioenpremies voor het jaar 2017 vastgesteld. Een domper voor veel ambtenaren: de premie gaat in januari aanzienlijk omhoog terwijl de pensioenen niet mogen worden geïndexeerd omdat de dekkingsgraad (92%) ruim onder de norm van de indexatiebodem van 110% ligt. Dit is al sinds 2009 aan de orde, met als gevolg dat uw pensioen sindsdien 11,9% aan inflatiewaarde heeft ingeboet. Dit realiseren mensen zich misschien niet; ze gaan er, niet gehinderd door voldoende pensioenkennis, vanuit dat ze na 40 jaar werken een pensioen ontvangen van 70% van hun (middel)loon. Het is dus een flinke domper, als zij daar pas vlak voor hun pensionering achter komen, omdat zij zich eerder nooit hebben verdiept in de pensioenmaterie.
Onlangs zag ik een tweet voorbij komen waarin een overzicht was gegeven van de zwakste pensioenfondsen in Europa. Nederland stond op de 8e plaats. Landen als Spanje, Griekenland, België Frankrijk en/of Italië doen het op het gebied van pensioenen schijnbaar ‘beter’ dan Nederland. Opvallend, want ik heb niet het gevoel dat ik jaloers hoef te zijn op de inwoners van deze landen als het over het lange termijn perspectief betreffende het pensioen gaat.

Over het pensioen wordt veel gediscussieerd. Afgelopen week was er weer een politieke discussie in het Haagse over ‘onze’ pensioenen. Onze politici zijn van mening dat Nederlanders zelf meer te zeggen moeten hebben over hun pensioendatum. Ze geven aan dat mensen eerder mogen stoppen met werken als zij een lagere AOW-uitkering accepteren. Onze politici leggen dus een duidelijke relatie tussen pensionering en het ontvangen van een AOW-uitkering. Dit vind ik bijzonder. Het wel of niet met pensioen kunnen gaan hangt af van iemands persoonlijke (financiële) omstandigheden. Als iemand zich het financieel kan veroorloven om eerder te stoppen dan is het aan betrokkene of hij/zij wel of niet wenst door te werken. Het kunnen stoppen met werken is veelal afhankelijk hoeveel men heeft ‘gespaard’ in de pensioenpot. Dit sparen valt de laatste tijd niet mee, aangezien de politiek steeds meer buffers op het sparen legt.

Ik las vorige week in de krant dat de hypotheekrente met sprongen omhoog schiet. Dit wil uiteraard niet zeggen dat ook onze spaarrente met sprongen omhoog schiet. Draghi koopt immers voor 80 miljard euro per maand aan schuldpapier, dus banken hebben ons geld niet echt nodig. Het blijft echter wel vreemd dat ‘onze’ pensioenfondsen met een superlaag rendement moeten blijven rekenen. Ons pensioenspaargeld mag van De Nederlandse Bank (DNB) op dit moment maar met 1,1% renderen de komende dertig jaar. Dit heeft tot gevolg dat de dekkingsgraad ruim onder de 100% blijft liggen. Voor de beeldvorming: voor iedere procentpunt stijging van de rekenrente, stijgt de dekkingsgraad met 14%-punt! Oftewel als het ABP met een rekenrente van 3,1% zou mogen rekenen wordt er niet meer gesproken over afstempelen maar van het gedeeltelijk indexeren van de pensioenen. Nu vraagt u zich af hoe zit het dan met ‘onze’ jongeren. De intergenerationele discussie die vaak wordt ingezet in deze problematiek.

De Europese pensioentoezichthouder Eiopa heeft medio 2016 kritiek geuit op de Nederlandse rekenmethode, lees die van DNB, waarmee pensioenfondsen hun verplichtingen moeten berekenen. Elders in Europa wordt er met een veel realistischer rekenrente gerekend namelijk 3,7%. Bij deze rekenrente zou de dekkingsgraad 143,8% zijn. Is dit inderdaad realistisch?
Het is een feit dat het Europese beleid erop is gericht om de rente in Europa al jaren kunstmatig laag te houden. De afgelopen 20 jaar was het gemiddelde ABP-rendement 7%. De afgelopen 5 jaar was dit 8,1% en voor 2016 staat de teller tot en met het derde kwartaal op een rendement van 8,8%. Het vermogen van het ABP is ongeveer 375 miljard euro. U hoeft geen rekenwonder te zijn om in te zien dat het ABP ieder jaar tientallen miljarden euro’s meer rendement behaalt dan waarmee het van DNB moet rekenen. Weer voor de beeldvorming: het bedrag dat ABP jaarlijks uitkeert aan pensioenen is ongeveer 10 miljard. Door de premies in 2017 aanzienlijk te verhogen stijgt ‘de winst’ volgend jaar, er vanuit gaande dat het rendement boven de rekenrente van 1,1% ligt, nog een stukje meer. Een heel klein stukje, omdat een premieverhoging maar van weinig invloed is op het totale vermogen van het ABP. De premieverhoging hakt echter wel aanzienlijk in op uw salaris.

De politieke discussie van afgelopen week had dan ook moeten gaan over het ‘oppottende’ geld bij onze pensioenfondsen. Want er komt een dag dat onze politici wakker worden en de mening zijn toegedaan dat er teveel geld zit in ‘onze’ pensioenfondsen. Als dit gebeurt dan weten we vanuit het verleden wat er komen gaat; onze pensioenspaarpotten zijn dan niet meer veilig.

Reageren op deze weblog

KVMO  |  Wassenaarseweg 2, 2596 CH Den Haag  |  070 - 383 95 04